Esther van Nieuwkerk-Jellema
In mei presenteerde de Europese Commissie haar ‘boer-tot-bord’-strategie. Deze strategie is onderdeel van de ‘Green Deal’ waarmee de Europese Commissie de lijnen uitzet hoe het de klimaatdoelstellingen van Parijs wil halen. Het gaat alleen veel verder dan alleen maatregelen omtrent klimaat. Deze ‘boer-tot-bord’-strategie zal de komende jaren bepalend zijn voor alles wat uit Brussel komt dat landbouwgerelateerd is. Daarmee zal het ook onze sector raken.

Onderdeel van de strategie is bijvoorbeeld het actualiseren van de transportverordening met de laatste wetenschappelijke inzichten en het verbeteren van de handhaving van deze verordening.

Het gevoeligste onderdeel zit misschien nog niet eens in de ambitie rond die transportverordening. De echte angel staat elders in de strategie: de Commissie wil in de agrosector kortere toeleveringsketens en minder afhankelijkheid van langeafstandstransporten. Die ambitie kan een heel grote impact hebben. Dit zou de sector direct kunnen raken: direct, door meer beperkingen in de transporttijden, maar ook indirect, doordat de vierkantsverwaarding van de producten in de keten geraakt wordt.

De Commissie is niet de enige die dit soort uitspraken doet.

Eerder stond in het Financieel Dagblad een artikel over Dirk Duijzer, het nieuwe boegbeeld van de topsector Agri&Food en opvolger van Aalt Dijkhuizen. Hij is van mening dat, wat hij bulkproducten noemt, naar bestemmingen niet verder dan 800 km mogen gaan. Varkensvlees naar China bijvoorbeeld, dat moeten we niet willen.

Wat vaak vergeten wordt in dit soort discussies is dat het hier gaat om delen van het varken die we in Europa niet eten. Zo wordt elk onderdeel van het dier benut. En zijn er heel veel producten die in Nederland geen enkele waarde hebben, maar ergens anders in de wereld een delicatesse zijn.

In de discussie over de toekomst van de landbouw in Nederland en Europa wordt de plank zo misgeslagen.

Eigen kracht

De sector moet zich vaak verdedigen tegen negatieve beeldvorming en vindt dat de maatschappij niet snapt hoe het echt zit. Het zou sterk zijn als de landbouwsector - en ook wij als Vee&Logistiek Nederland - nog meer vanuit de eigen kracht communiceren en uitleggen hoe het zit. Niet alleen als antwoord op een aanval, maar ook wanneer er niet om wordt gevraagd.

Vorig jaar heeft Vee&Logistiek Nederland een film gemaakt waarin het verhaal van de exportvaars wordt verteld. Meer van dit soort initiatieven zijn nodig. Daarnaast moeten we laten zien dat het niet zozeer over afstand gaat, maar vooral ook over transportomstandigheden en -kwaliteit. Met het onderzoek ‘toekomstbestendig diertransport’ waar we met ketenpartners en de WUR kijken naar het diercomfort onderweg, moeten we werken aan een borging van dat diercomfort en de verantwoording daarover.

Als het verhaal over het ‘hoe en waarom’ achter exporten van zowel dieren als dierlijke producten en andere landbouwproducten bekender is, zal het ook makkelijker zijn de discussie te voeren over wat wel en niet kan als er over veranderingen gesproken moet worden.

Want aan die discussie zullen we in ieder geval niet ontkomen.

Cookies

Wij maken gebruik van cookies. Meer hierover lees je in ons cookie statement.