Columns voorzitter

Foute wissel of gouden rit?

Voor de sportliefhebbers bracht februari weer kippenvelmomenten: de Olympische Spelen. Als schaatsliefhebber zat ik aan de buis gekluisterd. De verwachtingen waren hooggespannen. Het goud kon niet missen. En toch: je moet het maar doen. Jaren van voorbereiding, alles in dienst van die ene dag, die ene rit. De druk, de camera’s, de commentaren van journalisten die precies weten hoe jij het anders had moeten aanpakken.

Zo schaatste Jutta naar goud. Een paar dagen later was het Femke. Kippenvel. Wat een mentale kracht. Natuurlijk evenveel lof voor alle andere medaillewinnaars. En misschien nog wel meer respect voor de sporters bij wie het net niet lukte. Want ook dat hoort bij topsport: alles geven en tóch naast het podium staan.

Dat succes je niet komt aanwaaien, zagen we ook. Zelfs als je voorbereiding klopt en je precies op het juiste moment piekt, kan het misgaan. Joep Wennemars werd, buiten zijn schuld, slachtoffer van een foute wissel. Hij mocht zijn rit overdoen. Maar iedereen wist: dat is een onmogelijke opgave. De scherpte is eraf, de spanning is anders. Topsport kent geen herkansing zonder prijs.

Het deed mij denken aan de politiek van de afgelopen weken: een soort foute wissel. Femke ingeruild voor een minister van D66 op Landbouw. Is dit ook zo’n wissel waarvan onze leden de dupe worden? Ik hoop het niet.

Gelukkig staan in het nieuwe coalitieakkoord verschillende maatregelen die eerder in gang zijn gezet: dossiers die zijn voorbereid en klaarlagen om afgemaakt te worden. Ik begrijp goed dat je als minister je klus wilt afmaken. Maar soms beslist de ploeg anders. Nu is het aan de nieuwe minister om te laten zien dat hij er stáát wanneer het moet.

Laat ik eerlijk zijn: landbouw en D66 is de afgelopen jaren geen gelukkig huwelijk gebleken. De inzet op halvering van de veestapel heeft geleid tot forse polarisatie, onzekerheid bij ondernemers en verdeeldheid in de samenleving. Om in winterse sferen te blijven: D66 en landbouw voelt als ijs en zout. Of als kerst en de kalkoen. Dat schuurt.

Maar net als in de sport geldt: je beoordeelt iemand op prestaties, niet op vooroordelen. Vee&Logistiek Nederland zal de nieuwe minister graag ontvangen. Wij laten zien wat onze sector betekent voor voedselvoorziening, dierenwelzijn, werkgelegenheid en internationale handel. Met feiten, cijfers en argumenten. Niet met emotie, maar met overtuiging. Want ook wij willen niet gediskwalificeerd worden door verkeerde aannames.

Het nieuwe kabinet is een minderheidskabinet. Dat betekent dat voor elk voorstel een meerderheid moet worden gezocht. Wie wat verder van de politiek afstaat, zou kunnen denken: dat is goed nieuws. Ieder voorstel wordt dan op inhoud beoordeeld. Slechte plannen halen het niet. Dat klinkt als gezonde competitie.
Maar de eerste wedstrijden stemmen niet gerust. Vier miljard subsidie voor een windmolenpark op zee: meer subsidie dan de bouw van het park kost. Dat is letterlijk water naar de zee dragen. En dan het voorstel om box 3 ‘eerlijker’ te maken: een belasting van 36% op niet-gerealiseerde vermogenswinsten. Mijn vader leerde mij vroeger al: juich pas als het geld op je rekening staat. Met dit voorstel gaan we belasting betalen over lucht. En toch was er een ruime meerderheid voor.

Misschien is dat wel de grootste les van deze olympische weken. Talent en voorbereiding zijn essentieel. Maar uiteindelijk draait het om presteren op het moment suprême, in de sport én in de politiek. Onze sector kan zich geen valse start of foute wissel permitteren. Wij moeten scherp blijven, het debat aangaan en zorgen dat, wanneer het erop aankomt, ook wij onze rit winnen.